Stephen Hawking schreef The Universe in a Nutshell. Ik luisterde het in de auto en begreep er minder van dan ik zou willen. Toch had ik er wat aan.

Mijn hoofd probeerde uit alle macht chocola te maken van quarks, bozons en de event horizons van zwarte gaten. Ik meende er af en toe wat van te begrijpen. Al zou ik je dat onder bedreiging van een geladen vuurwapen niet kunnen navertellen. Maar, half in verwarring kwamen goede ideeën andere zaken als warme broodjes over de toonbank.

Ik vind dat opmerkelijk. Blijkbaar werd ik zo uitgedaagd dat er spontaan luikjes open gingen die gewoonlijk dicht blijven. Hersengymnastiek waarbij het vogelnestje niet lukt, maar waar je wel een stevige grip aan de ringen van krijgt.

De enige passages die ik volledig begreep waren een anekdote over Star Trek. Hawking speelde zichzelf in een aflevering van The Next Generation. Hij pokerde er met niemand minder dan Data, Einstein en Newton. En hij won het potje. Al kreeg hij geen tijd om het prijzengeld te innen. Er was een rood alarm.