Ik heb een theorette over koffie. Voor de duidelijkheid: een theorette is een niet kloppende theorie die te leuk is om niet te onthouden.

Als je begint met het drinken van koffie, dan is dat vaak een logisch gevolg van de de melk die je als kind hebt gehad. De meeste mensen stappen in op het laagste niveau: melkerige koffie met suiker. Maar na een tijdje wil je geen melk meer hebben. Je bent een vent en geen mietje, natuurlijk. Dus je stapt over op koffie met suiker.

Dan komt er onvermijdelijk een dag dat de suiker op is. En omdat het een beetje te veel moeite is om een kopje suiker te gaan lenen bij je hospita drink je even geen suiker in je koffie. Langzamerhand wen je er aan en voordat je suiker in huis haalt voor het bakken van een appeltaart ben je helemaal over.

Zo drink je jarenlang zwarte koffie. Zoals het hoort. Maar op een gegeven moment begint het te knagen. Is dit alles dat er is? Je hebt 3 stadia doorlopen en die laatste duurt voor altijd.

Dus je gaat variëren. Je neemt cappuccino. Maar da’s koffie met melk. Dan ben je weer terug bij af. Je koopt een espressoapparaat met van die echte koffiebonen. Nu wordt het echt hardcore. Langzaam voer je de sterkte op. De koffie wordt dikker en dikker tot dat cafiëne in vloeibare vorm niet meer voldoende is.

Op een dag drink je geen koffie meer. Dan eet je een koffieboon.