In cafetaria staan mensen die veel snacken bovenaan de voedselketen. Niet dat ze klanten met minder verstopte aderen als lekkere kroketjes verorberen, maar ze zijn wel net wat vaardiger zijn in het snel schieten van een frikadelletje. De cafetaria is de enige biotoop waar survival of the fattest geldt. Echter, het vette vlees is ook zwak.

Vanavond, stond ik te wachten op mijn bestelling bij de plaatselijke patatboer toen er een knap meisje-meisje binnenkwam. Een goed voorbeeld van waarom de kolonisatie door de witte Hollander van de Cariben (of hebben we die gewoon gekocht?) toch ergens goed voor is geweest. Ze was in een roze combinatie gestoken van een jasje en een kort rokje. Ze kon het hebben.

Bovenaan de voedselketen stond een stamgast kwijlend ‘langs haar heen’ naar beneden te staren. Dromend over dieeten en lichaamsbeweging.