Ik knipper wat onwennig met mijn ogen, maar als ik in de spiegel kijk zie ik mijzelf scherp. Voor het eerst in weken heb ik mijn lenzen weer in en ik verbaas me hoe gemakkelijk ik ze in heb gekregen.

Mijn hoofd ziet er heel anders uit. Waar ik steeds metaal zag zitten, begroet de huid tussen mijn ogen het badkamerlicht.

‘Zonder bril zie ik er een stuk beter uit.’ bedenk ik mijzelf en ik bewonder mijn gezicht nog eens goed in de spiegel. Ik neem een paar mode-poses aan maar de badkamer verandert niet in een fotostudio. En ik niet in een fotomodel.

Ik kijk nog eens goed. ‘Hoewel?’