Gisteren kwam mijn stemkaart binnen. Dat herinnerde mij aan mijn voornemen niet te gaan stemmen. Ik hield hem in mijn hand. Dit was het moment. Maar ik kon het niet.

Ik kon mijn stemkaart niet verscheuren. Het lukte me niet. Ik hield het midden met 2 handen naast elkaar vast. Mijn rechter hand hoefde ik alleen maar snel naar beneden te trekken. Nu! Maar, nee.

En het is niet zo dat ik nog nooit papieren verscheurd heb. Ik kan mij legio verouderde notulen herinneren, dozen overjarige planningen en pallets projectomschrijvingen. Allemaal verscheurd.

Proppen maken. Ik ben daar magma cum laude op afgestudeerd. Ik schep daar bovendien zeer veel genoegen in. Heerlijk.

Maar mijn stemkaart ligt nog onaangeroerd op de keukentafel. Kwam het door de stempel van de burgemeester? Door de indoctrinatie van de morele stemplicht? Of omdat ik misschien wel wil stemmen? Ik ben in de war.

Ik maak een vouw door het midden. Ik zucht. Even blog erover schrijven. Misschien dat het dan lukt.