Winkelcentrum

“Pappa? Mag ik naar speeltuin?” Marit kijkt me aan. Ze houdt haar hoofd een beetje schuin.
“We gaan eerst even een broodje eten. Straks.”

Ik vraag me af waarom een mannelijke serveerster een ober wordt genoemd. De man die net onze bestelling heeft opgenomen, kan ik moeilijk een ober noemen. Hoogstens een serveerder in zo’n outfit. Eleanor hannest met Elke. Die vindt niet eerlijk dat ze nu op mamma’s schoot moet stilzitten als ze al twee uur heeft liggen slapen en door het winkelcentrum is geduwd in haar buggy.

Eleanor deelt het puddingbroodje. Ze houdt een oogje in het zijl bij Marit en ik voer Elke. Tussen de happen door kijk ik naar de twee verkopers van krantenabonnementen die iedere zaterdag op dezelfde plek staan. Ik vraag me af hoe dat uitkan. Het zijn telkens andere jongeren, dus ze zullen wel niet te veel krijgen.

Het broodje van Eleanor is op. Dus ruilen we. Ik mag eten, zij neem Elke. De meisjes zijn allebei een beetje hangerig. Eleanor voelt zich ook niet echt fit. Ik heb net een grote koffie op, dus ik ben tiptiop. Alleen mijn blaas is vol.

Na de speeltuin en de drogist gaan we op weg naar de auto. Marit zit nog even op Bert en Ernie bij de Blokker en op het paard bij de dierenwinkel. Elke buggiet.

In de auto vallen de meisjes in slaap.

3 Comments

Add yours →

  1. Bert & Ernie bij de Blokker? Ik denk: Paddepoel 🙂

Geef een reactie