Vanmorgen om half acht zat ik in de auto en vanavond om tien voor acht was ik thuis. Wat je noemt: een heroïsche tocht, want de ontberingen logen er niet om.

De stationwagon heeft nog steeds geen compact-discspeler, om mijn bek maar niet open te breken van satelietnavigatie, de complexiteit van Rotterdam als stad om de weg te vinden (Blaak is de tweede Rotterdamse stad die je met monopoly tegenkomt, dus West-Blaak moet ook een makkie zijn. dacht ik), de conclusie dat ik met mijn vertegenwoordigersoverhempje eigenlijk de titel account manager moet hebben (het is volgens mij geen beschermd beroep), de ontdekking dat account manager zijn het laatste is dat je wil en de meneer van de parkeergarage die mij geërgerd uitlegt dat ik mijn uitrijkaart eerst met mijn inrijkaart in de betaalautomaat moet stoppen (weet ik veel, normaal moet ik gewoon betalen!).

Volgens mij zijn het echt 9 steden. Groningen (1 banaan), Assen (1 appel), Zwolle (bepreking, 3 koppen koffie en 2 Chonelly’s, maar dat met chocola van een jarige collega die geen gebak lust), Utrecht (1 eigen-merk-Sultana, 1 Liga-Break-dinges), Rotterdam (2 besprekingen, 2 koffie, 1 cappuccinno en nog wat boterhammen), Utrecht (dat mag, want in Dokkum keren ze in het echt ook), Almere (4 pompstation-sandwiches, 1 melk en 1 Cote d’Or-notengeval), Joure, Heerenveen, Drachten, Groningen.

Op de radio was Henkjan Smits bij Stenders Vroeg Op, deed Gerard Ekdom het in zijn ééntje, was Claudia de Breij jarig, was Wout geen klap aan, mocht Milosovic in zijn geboorteland begraven worden, zat Ruud de Wild bij Kunststof.

Op de keper genomen was ik vandaag echt belangrijk. Respec!

PS: Morgen ben in nóg veel belangrijker: dan heb ik cursus!
PS2: Dit geldt niet als een column!